Afgelopen weekend heb ik twee bezoeken gebracht aan een verfrissend nieuwe beurs: RAW Art Fair en RAW EXPO. Bij binnenkomst ademt het gebouw en de setting een gevoel van subversiviteit. Een sfeer zoals je die ook in krakerscafés zou kunnen aantreffen. Gelukkig is dit gevoel ook in het aanbod van kunst merkbaar. Veel van de aanwezige galeries leken geïnspireerd om het RAW thema in de keuze van kunstenaars en het getoonde werk te laten terugzien.
Op de eerste verdieping van de loods was de RAW EXPO ingericht waar een groot aantal kunstenaars hun grotere werken konden tonen. Duister, mooi uitgelicht in een industriële omgeving .
Recycling is iets dat in veel kunst een rol speelt. Het werk van Yong-Ho Ji is op menige beurs te zien. Aanvankelijk trokken de van oude autobanden gemaakte dieren en trofeeën me niet aan. Ik vond het te gepolijst en omdat een hertenkop boven de haard me als kitch voorkomt was dat label al snel op zijn werk geplakt. Binnen de context van deze beurs verandert dat. Niet in de laatste plaats door zijn “Mutant” die in de EXPO erg dreigend overkomt. Neem ook het werk van Jurgen Winkler. Hij gebruikt materialen die hij uit kringloopwinkels haalt en creëert daarmee absurde objecten.
Een tweede thema dat zich opdringt zijn dieren, de natuur en hoe wij ons daar als mensen toe verhouden. Maar liefst twee kunstenaars gebruiken roadkill’s om tot kunst te transformeren. De eerste is Alette Wttewaall met haar cubes. Kubusvormig, hoofdloos geprepareerde dieren in vitrines die zo uit een ouderwets natuurhistorisch museum als Jardin des Plantes in Parijs lijken te zijn weggehaald. “Natuurlijke” tafereeltjes van een sperwer die op baby konijntjes jaagt en een meerkoetje dat bij haar nest staat. In het nest liggen kubusvormige eitjes. Ze lijkt hiermee een uitspraak te doen over de menselijke invloed op de natuur waarbij alles in hokjes wordt geplaatst en de samenhang der dingen uit het oog wordt verloren.
Dan is daar nog het Aangereden Dierenboek van Bart Janssen. Platgereden dieren, gevat in multiplex die de bladen van een boek vormen. Een boek zonder woorden maar met een enorme zeggingskracht dat gaat over de nietsontziende technologische “vooruitgang”.
En dan die altijd confronterende Tinkebell met het werk “Saving a Broiler”. Dit keer heeft ze een kip gered van het slachthuis en deze in een ren geplaatst waar ze er weliswaar eenzaam maar goed verzorgd bijzit. Broilers of plofkippen worden kunstmatig zo snel vetgemest dat ze binnen 7 weken klaar zijn voor de slacht. Vaak zakken de dieren voor die tijd door hun poten die te jong zijn om het gewicht te dragen. Pure dierenmishandeling onder het mom van efficiënt produceren. Ik weet niet of de installatie veel bezoekers bewuster heeft gemaakt. Hoorde zelfs iemand zeggen “Goh, er is ook iets leuks voor de kinderen”. Toch is dit iets dat de pijnlijke werkelijkheid van onthechting van de mens tot zijn omgeving voor mij nog duidelijker maakt. Ik blijf wel zitten met de vraag, wat gebeurt er nou verder met die kip…?
Al met al een interessante beurs die een welkome aanvulling vormt op de bestaande beurzen.


Update:
Ik heb Tinkebell aangeboden de kip bij onze eigen dieren onder te brengen maar begrijp dat het diertje inmiddels een goed onderkomen heeft gevonden.