In oktober 2008 bezocht ik een overzichtstentoonstelling met het werk van Louise Bourgeois (1911) in het Guggenheim Museum in New York. In de oplopende binnengalerij kon ik eindelijk het omvangrijke oeuvre, waaronder één van haar spinnen, aanschouwen. Het is verwarrend om door een wereld te lopen waarbij alle denkbare emoties voorbij komen en die je emotioneel omver lijkt te schoppen. Bourgeois genereert met haar werk gemengde, verwarring zaaiende gevoelens. Bourgeois is al vanaf de vroege jaren dertig actief binnen de beeldende kunst, maar kan eigenlijk pas sinds de jaren zeventig rekenen op internationale erkenning. De tentoonstelling liet een resultaat zien van een carrière van bijna zeventig jaar.
Het is moeilijk om grip te krijgen op het oeuvre van Bourgeois, omdat ze nooit tot een stroming heeft behoord. Louise Bourgeois is in de beginperiode van haar carrière nog geïnteresseerd in het surrealisme. Dit verdwijnt als zij in 1938 verhuist naar New York. Zij trouwt met Robert Goldwater, een Amerikaanse kunsthistoricus., waarmee ze twee zonen krijgt. Eind jaren veertig, begin jaren vijftig maakt zij beelden die doen denken aan totempalen waarin de invloed van het primitivisme duidelijk te zien is. Zij richt zich alleen nog op sculpturen, installaties en grootschalige projecten en heeft het schilderen dan al tien jaar achter zich gelaten.
Haar jeugdervaringen spelen een grote rol in het werk van Louise Bourgeois en zijn al vele malen aan bod gekomen en besproken. Begrippen als overspel, schuld en macht zijn de belangrijkste elementen in het werk van de beeldhouwster. Binnen de ontwikkeling van haar werk intrigeert het vroege werk dat bestond uit komposities van gegroepeerde abstracte en organische vormen het meest. Het werk is duidelijk geïnspireerd door werk van Constantin Brancusi en Alberto Giacometti. Het langgerekte van de sculpturen is terug te herleiden naar geabstraheerde personen. Daarnaast zijn de werken ook beïnvloed door de architectuur van New York. In haar atelier keek ze iedere dag uit op de wolkenkrabbers van de stad.
In de jaren zestig zijn haar sculpturen niet meer van hout, maar gebruikt Bourgeois andere materialen zoals brons, kunststof of marmer. Daarnaast zijn de kunstwerken veel lichamelijker geworden en krijgt de seksualiteit de overhand. De langgerektheid maakt plaats voor ronde vormen die verwijzen naar borsten, billen, clitorissen en penissen. Op deze wijze maakt Bourgeois de (frustrerende) ervaringen uit haar eigen leven tastbaar.
In dit artikel heb ik niet alle aspecten van het werk van Louise Bourgeois belicht, want het is duidelijk dat zij zich geen beperkingen laat opleggen. Dit aspect en het vrije gebruik van materialen stimuleert andere hedendaagse kunstenaars. Tot slot is het een stimulans dat het voor een kunstenaar mogelijk is om op latere leeftijd door te breken. Louise Bourgeois is uitgegroeid tot één van de grootste hedendaagse kunstenaars.