Voor de meeste Europeanen is Edward Hopper een schilder die hun beeld van de Verenigde Staten bevestigt. Hoppers Amerikaanse taferelen laten een karakteristieke omkering van het archetype van de beweging in schilderijen waaruit verstarring en beperking spreken. Dit is evenwel niet een uitsluitend Amerikaans fenomeen, ze hangt ook nauw samen met de signatuur van de beginnende moderne kunst in de Verenigde Staten.
De Kunsthal in Rotterdam pakt groots uit met de tentoonstelling over Edward Hopper en zijn tijdgenoten. Alle schilderijen zijn afkomstig van het Whitney Museum of American Art (New York), waarbij de kern van de tentoonstelling -letterlijk- gevormd wordt door acht schilderijen van Hopper.
Met de tentoonstelling ‘Modern Life – Edward Hopper and his time’ hebben de tentoonstellingsmakers willen laten zien op welke wijze het talent van Hopper zich heeft kunnen ontwikkelen in de eerste helft van de 20ste eeuw. De merkwaardige mengelmoes van schilderijen laat een ontworsteling aan het behoudende Amerikaanse kunstklimaat zien en hoe de kunstenaars zich hebben weten af te zetten tegen de dominantie van het kunstklimaat in Europa.
De tentoonstelling is thematisch opgebouwd, waarbij de thema’s om de acht topstukken van Hopper zijn neergezet. ‘Modern Life’ laat zien hoe kunstenaars door de metropool New York zijn geïnspireerd. De invloed van de Franse impressionisten, postimpressionisten en de sociaalrealisten is duidelijk te herkennen in dit gedeelte van de tentoonstelling. Er werd op zoek gegaan naar de Amerikaanse identiteit en de “alledaagse spontaniteit van het Amerikaanse stadsleven”. De manier van schilderen werd voornamelijk ingegeven vanuit de grafische vormgeving.
In ‘Experiment en Abstraction’ is duidelijk de invloed van de modernistische Europese kunst te zien, waarbij verschillende stromingen en stijlen aan bod komen. In de sectie ‘American Scenes’ zie je meer de eigen stijl van de Amerikaanse kunst ontstaan. De kunstenaars proberen in hun schilderijen het verleden van de Verenigde Staten te verheerlijken. De precisionisten legden daarbij de nadruk op de vernieuwingen in de architectuur en de industrie.

De tentoonstelling lijkt een allegaartje aan schilderijen, beelden, tekeningen, aquarellen, grafiek en fotografie, maar door de thematische opzet ontstaat er samenhang en een context rondom het ontstaan van de schilderijen van Edward Hopper. Doordat er geen kleuren op de muren zijn gebruikt spreken de kunstwerken voor zich, maar is er ook geen duidelijk onderscheid in de thema’s. Er wordt in de tentoonstelling geen aandacht besteed aan de onderlinge beïnvloeding van de kunstenaars. Doordat de wisselwerking tussen de kunstenaars niet wordt belicht, staan de werken van de kunstenaars nog meer op zichzelf. Maar door de rondleiding en de film van Bonny Powell uit 1931 komt de eerste helft van het 20ste eeuwse Amerika weer tot leven.

 

Geef een reactie