De Pont richt zich op een beperkte groep kunstenaars en op langdurige presentaties van zowel de collectie als tijdelijke tentoonstellingen. Een formule die bij kunstenaars en publiek op belangstelling en waardering kan rekenen. De Pont behoort inmiddels tot de best bezochte musea voor moderne kunst in Nederland.
Het begin van de collectie werd gemaakt met twintig kunstenaars die een redelijke representatie waren van de verschillende houdingen die je onder hedendaagse kunstenaars kunt aantreffen. Dit gezelschap is inmiddels flink uitgebreid en het aantal werken in de collectie nam toe van rond de veertig eind 1992 tot vierhonderdvijftig in 2009. De meeste aankopen worden gedaan uit de tijdelijke tentoonstellingen.
De opzet van de verzameling van De Pont wordt eerder intuïtief dan beredeneerd tot stand gebracht. Deze gevoelsmatige aanpak heeft zijn voordelen, maar ook het nadeel dat de samenhang in de collectie langzamer ontstaat dan wanneer je een bepaalde ontwikkeling of generatie kunstenaars volgt. Dit komt duidelijk naar voren als men een bezoek aan brengt aan de Pont. Er is echter voor gekozen om niet een richting of de ontwikkelingen van een groep vast te leggen. Bij De Pont richten ze zich op elke levende kunstenaar die hun aandacht trekt. Van deze kunstenaars wil De Pont op den duur over een aantal kenmerkende werken beschikken die inzicht geven in hun gedachtengoed.
David Claerbout
Iemand die indruk heeft gemaakt op De Pont is David Claerbout (Kortrijk, 1969). De Pont heeft zijn uit 1997 daterende werk Ruurlo, Borculoscheweg 1910 opgenomen in de collectie. Van 14 maart tot en met 28 juni 2009 toont De Pont zijn werk in de tentoonstelling The Shape of Time. Deze presentatie omvat een tiental installaties en is zijn omvangrijkste tentoonstelling in Nederland tot nu toe.
Het verstrijken van de tijd is een hoofdthema in het werk van Claerbout en hij onderzoekt de relatie tussen heden en verleden. Claerbout wil ons de tijd laten ervaren, maar doet dit niet door de tijd stil te zetten, maar doormiddel van het verweven van bewegend beeld en fotografie in bijvoorbeeld minieme variaties. Door het moment te analyseren wordt de tijd intensiever beleefd.
De installaties lenen zich dan ook niet voor een snelle en vluchtige blik. Door langer te kijken wordt de werking en de betekenissen van de beelden zichtbaar. Er wordt door Claerbout onderzocht in hoeverre de blik gefocust blijft. Zijn benadering maakt de kijker bewust van de manier waarop we waarnemen. Op deze manier wordt de toeschouwer gedwongen om intensiever te kijken.

